De dag voor de wedstrijd vloog ik naar Reykjavik, nog niet 100% fit. Het was dus afwachten hoe het zou gaan…
Het was een heerlijk weertje om hard te lopen, een graadje of 11, niet al te veel wind, alleen de beloofde zon bleef grotendeels weg, maar voor de rest had ik dus weinig te klagen. Meer dan duizend man aan de start voor de hele marathon, maar in totaal 15000 man aan de start voor alle afstanden. Door ergens middenin te starten dwong ik mezelf om niet te hard van start te gaan. Ik wilde weggaan op een eindtijd van 3:45. Dat zou betekenen kilometertijden van rond de 5:20. Daar begon ik ook keurig op. Maar vanzelf ging het weer harder, en de gemiddelde tijd liep steeds verder naar beneden. En m’n hartslag lag redelijk laag, in ieder geval veel beter dan verwacht. Na zo’n kilometer of 6 zat ik op 5:00 per kilometer. Daar bleef ik voorlopig maar op lopen, de hartslag bleef mooi laag.
Het was een goed georganiseerde wedstrijd, prima verzorgingsposten en veel IJslands vrouwelijk schoon als vrijwilligers om drinken/eten aan te geven en je aan te moedigen. Ook was er behoorlijk wat IJslands publiek langs de route, en af en toe wat live muziek, altijd leuk! Ook de dames met de Nederlandse vlag die ik een paar keer langs de route zag staan: keurig!
We gingen richting het halve marathon punt. 1:46. Zo, dat ging wel even een stukje sneller dan verwacht. Toen ging ik denken aan een eindtijd van 3:30. De tijd was totaal onbelangrijk, maar het leek me een leuk streven. Dat zou wel betekenen dat ik een negatieve split van 2 minuten moest lopen. Tja…
Het betekende ook dat ik steeds meer lopers oppikte omdat het tempo bij mij heel ietsje omhoog ging, en bij 98% van de deelnemers gaat het tempo omlaag. Ook dat motiveert wel.
De kilometers vlogen voorbij. Het lijf leek het te houden, en daar was ik wel heel erg blij mee. Ik liep een kilometer of 10 met een man in een blauw shirt mee, maar bij 1 van de verzorgingsposten op zo’n 10 kilometer van het einde gaf hij er plotseling de brui aan (waarschijnlijk niet definitief). En toen wassie daar weer hoor, het 35km punt. Het blijft een raar fenomeen. Alhoewel de bevreesde blessures (kuit/knie) uitbleven, begon het lichaam nu toch wel tegen te sputteren. Gek genoeg schoot de hartslag niet heel erg omhoog, het bleef bij een maximum van zo’n 160 (gemiddeld 149), voor mij een prima waarde. Dat stemt tot vrolijkheid! Die laatste kilometers waren iets minder vrolijk. Ik zat te rekenen, en als ik in het tempo van 4:58/km door bleef lopen, zou ik met een eindsprintje nog zo’n 10 seconden goed moeten maken voor een tijd binnen de 3 1/2 uur. Nogmaals: totaal onbelangrijk, en of het slim is om daarvoor te gaan weet ik niet. Het schiet ook iedere 100 meter weer door je hoofd die laatste kilometers, “pak toch je rust”, maar het fanatisme om dat doel te halen was toch iets groter. Ik dacht dat ik wel aardig het tempo erin bleef houden, maar zag op mijn horloge dat ik steeds zo’n 3 a 4 seconden verloor op het schema. Nog zo’n 2 kilometer, en het was nog niet onmogelijk. Maar het lichaam wilde niet meer. Laatste kilometer, ik naderde de finish. Wat was dat??? Muziek bij de finish, de IJslandse versie van Vader Abraham had 7 zonen toverde zowaar een lach op mijn gezicht. Het veld lag behoorlijk uit elkaar, ik liep alleen, maar er kwam nog een man in een oranje shirt hard aanlopen (later zag ik in de stand dat het ook een Nederlander was). Dat feit (vechten voor de 145e plaats!) en het feit dat ik op mijn horloge zag dat het nog steeds mogelijk was om binnen de 3:30 te finishen zorgde er zowaar voor dat ik een eindsprint in kon zetten. Vlak na de finish drukte ik mijn horloge in, 3:30:02 gaf hij aan. Maar ik wist dat de tijd ietsje sneller zou zijn (niet precies op start/finish-lijn het horloge ingedrukt). Dus ik wist nog niet wat de officiele tijd zou zijn.
Ik moest even zitten (10 minuten) om bij te komen, het lichaam was wat uitgeputter dan bv bij mijn pr in Parijs. Met pretzels (voor het zout), bananen (voor de koolhydraten), sportdrank en water kwam ik weer wat bij mijn positieven. De bus naar mijn apartement gepakt, en daar was het verlossende bericht op mijn telefoon, precies 1 seconde binnen de 3 1/2 uur. Hulde!
Het was ook nog eens de nationale feestdag van IJsland, dus het was nog erg gezellig in de stad. En het verloop van de marathon zorgde voor een prima gevoel, biedt hoop voor de toekomst. Een 2e marathon zal ongetwijfeld weer iets beter gaan, qua fysiek.
(het scorebord in het finish-filmpje hieronder geeft de bruto-tijd weer, niet mijn tijd)

