November 3rd 2018 – Vang Vieng Trail, Laos (52km +3000hm)

Gekkenwerk was het! Ongelofelijk stelletje heikneuters dat het zijn!

Thaise organisatie hier in Laos, die – zo bleek achteraf – nogal trots is op de lage finisher-percentages. En dat het liefst zo houdt. En dus een redelijk zwaar profiel, maar erger; ik overdrijf niet als ik het “levensgevaarlijk” noem.

Maar goed, eerst naar Laos gereisd, daarna door naar Vang Vieng. Was er een dikke 10 jaar geleden al eens geweest, een klein dorpje met alleen maar toeristen. Prachtige omgeving, daar lag het niet aan. De start was om 6 uur ‘s ochtends. Het begon tegen die tijd net een beetje licht te worden, prima dus. Verplichte uitrusting hield o.a. een hoofdlamp in. Ik was toch echt niet van plan het zo lang te laten duren. Van tevoren had ik gezegd: maximaal 9 uurtjes.

De eerste 2 kilometer was trailen op het vlakke. Het profiel zag er voor de 52km ongeveer zo uit: twee kleine klimmetjes in het begin, twee flinke bergen in het midden en daarna nog 2 op het oog onbeduidende klimmetjes. De moeilijkheidsgraad bleek omgekeerd evenredig. Maar dat wist ik toen nog niet.

We kwamen bij het eerste klimmetje. Pittig, maar de klim zou niet lang zijn, had ik dus op het profiel gezien. Maar wel heel erg technisch. Goed, uiteindelijk kom je wel boven. Eerste afdaling. En direct stond ik geparkeerd. Springen van kei naar kei was het. En daar ging ik door de enkel. Shit! Verstuikt. Niet stil gaan staan nu, dan gaat het misschien. Maar het deed wel pijn. Ik had geen keus, nauwelijks gestart of er moest een sterke pijnstiller in. Dat hielp nog niet echt snel. En dat niet-stil-staan, lastig als je moet springen, en helemaal als je dat ook nog eens met handen en voeten moet doen, en moet bedenken welke keien-route je weer een stukkie verder kon brengen.

Eerste klimmetje gehad, dat viel niet mee. En de pijn in de enkel ook niet. Een klein verbindings-stukje vlak nu. Hardlopen ging nog. Op naar het tweede klimmetje dus. Ook die viel weer smerig tegen. Opnieuw erg technisch. Je moest er niet aan denken war er zou gebeuren als je een keer uitgleed op zo’n kei of misstapte. De pijn in de enkel ging nog niet weg. Dat tweede kleine klimmetje duurde ook weer een eeuwigheid. Gek genoeg liep ik nog wel redelijk van voren, nog net in de top 10 van de ongeveer 60 man die op mijn afstand waren gestart.

Na het tweede klimmetje had ik het helemaal gehad. Als ik het goed heb, hadden we in de lengte maar zo’n 8 kilometer afgelegd, maar ik was al een paar uur onderweg. En de pijn was er nog steeds. En nu zouden de grote beklimmingen nog moeten komen. Nee, dat zou hem niet worden. Ik baalde er stevig van, maar ik zou opgeven bij de verzorgingspost. Daar aangekomen, in the middle of nowhere, werd me met handen en voeten door niet-Engels sprekende Laosanen uitgelegd dat als ik wilde opgeven, ik moest teruglopen. Geen mogelijkheid tot vervoer vanaf deze plek naar Vang Vieng.

Dat was absoluut geen mogelijkheid. Voor geen goud ging ik terug. De volgende echte serieuze klim zou me ook terugbrengen naar Vang Vieng. Het kan moeilijk nog zwaarder zijn, toch? Verrassend genoeg klopte dat. Alhoewel het een dikke 1000 hoogtemeters waren, en dat niet mijn sterkste punt is, ging het verrassend… redelijk tot goed. Ik had inmiddels een tweede pijnstiller genomen, het leek te helpen.

In de beklimming niemand achter me of voor me. Tot zo’n driekwart in de beklimming, ik had een klein stukje fout gelopen, er een Thaise dame me bijhaalde. Samen deden we de rest van de beklimming. Zij ietsje beter op de echt technische stukken, ik iets beter op de “snellere” stukken. Boven in de klim zaten er een paar redelijk vlakke stukken in. De lange afdaling was ook redelijk te doen. Helaas voor het grootste gedeelte niet hardlopend te doen, maar gevaarlijk was het ook niet. We staken wel eens een watertje over of iets dergelijks, prima beklimming.

En zo kwam ik toch weer beter in de race. Qua hoogtemeters zat de helft er al op. We waren nu bij de grote verzorgingspost tussen de twee grote beklimmingen. Hier was wel een mogelijkheid om uit te stappen, maar ik voelde me inmiddels wat beter en de lange beklimming had me vertrouwen gegeven. Ik liet de Thaise dame achter me en ging de tweede lange beklimming in. Deze was net iets minder dan 1000 hoogtemeters, maar heel erg stijl. Bovenop zou een waterval wachten.

Ja, het is niet mijn specialiteit, maar toch ging het lang niet slecht. Voor mijn doen zelfs erg goed. In de beklimming niemand gezien. Gelukkig zag ik de lintjes en pijlen nog, anders ga je nog twijfelen of je wel goed zit. Bijna bovenaan een extra post. Ik kreeg een armbandje, bewijs dat je de post had gepasseerd. Ik liet de watervoorraad nog even bijvullen, en hup, weer verder.

Bij de waterval aangekomen, prima! Afdaling in. Ook erg stijl, dus onmogelijk hardlopend te doen. Ergens halverwege de afdaling werd ik weer bijgehaald, nu door een andere Thaise dame. Hetzelfde laken een pak, ze was beter op de technische gedeelten, maar eenmaal onderaan aangekomen, en na flink bijgetankt te hebben op de post liet ik haar weer achter me. Ook nog een Fransman ingehaald die ik al eerder had gezien. Op dat moment dacht ik nog, naïef als ik was, tegen zonsondergang of net erna te kunnen finishen. Mis!!

Waar de laatste 20 kilometer overwegend vlak zouden zijn, met twee kleine klimmetjes, begon de hel hier pas echt.

Lang verhaal kort: nu kilometers lang van kei naar kei springen, met gaten ertussen waar de honden geen brood van lusten. Helemaal stabiel liep ik niet meer, dus dat duurde een hele tijd. De Thaise had me ondertussen weer achterhaald. We haalden een Fransman in, die niet meer vooruit en terug durfde te gaan. Geen idee hoe het met hem is afgelopen, de duisternis viel al langzaam in. Onmogelijk om hem te helpen en onmogelijk voor “reddingstroepen” om hem daar weg te halen.

Ook de eerder ingehaalde Fransman sloot nu bij ons aan. Ik kon ze hier nauwelijks bijhouden, hoe langzaam zij ook gingen. Toen de hoofdlamp echt aan moest hadden we het ergste achter de rug. Dacht ik. Naïef als ik was.

We liepen in het bos en ik kon zo’n beetje als enige nog hardlopen. Dus liet ik de twee weer achter me. We waren ondertussen al zeker zo’n 13/14 uur onderweg. De technische passages duurden een eeuwigheid.

En waar ik dacht nu hardlopend naar de finish te kunnen lopen, kwam er nog een kei-spring-stuk. Echt belachelijk en onverantwoord. Maar ja, we kwamen steeds dichter bij de finish. Ondertussen had ik wel een ander probleem. De laatste waterpost stond niet op de afgesproken plek, zodat ik 2 uur zonder water zat. Uiteindelijk kwam hij onverwachts toch nog. Daar even flink in de bosjes staan kotsen, water bijvullen en weer door. Op het laatste technische stuk hadden de Thaise en de Fransman me weer bijgehaald, en er sloot ook nog 1 van de weinige deelnemers uit Laos aan. Nu werd het toch echt vlak, en we verlieten de bossen. Nog steeds erg donker. De Thaise was de enige van wie het horloge (met navigatie!) het nog deed, en aangezien er hier op het eind nog wel eens een pijltje mistte, bleven we bij elkaar (en dus vooral, bij de Thaise). Het liep nu al tegen 11 uur, al 15 uur onderweg. We konden er bijna zijn. Helaas moest ik dus, vanwege de navigatie, bij het groepje blijven, hardlopen kon ik nog steeds, de rest vrijwel niet meer.

En dan blijkt de finish ook nog eens een paar kilometer verder te liggen dan de aangegeven 52km. Volgens mij kwamen we op 56km uit. Na middernacht, en na een dikke 18 uur in touw te zijn geweest, kwamen De Vier Van Laos over de finish-streep. Ik had verwacht dat er weinig mensen zouden zijn, maar er was nog wel degelijk een ontvangstcomité en tot mijn verrassing had mijn lieve vriendinnetje de hele tijd gewacht (meer dan 6 uur) tot ik gefinisht was. Ik ging aan een tafeltje zitten en mijn lieve vriendinnetje haalde mijn verdiende maaltijd en drinken voor me op, keurig met de nodige zouten, koolhydraten etc, zodat alle tekorten weer werden aangevuld.

Finish De Vier Van Laos

De schade: verstuikte enkel, zo verschrikkelijk veel krassen op de poten dat er bijna geen vel meer overbleef, aan de achterkant een op meerdere plekken totaal ingescheurde broek, schoenen bovenop helemaal ingescheurd, grote-teen-nagel kwijt en een medaille. Dat dan weer wel. Voor de nummers 8 t/m 11 van het klassement (correctie: hoewel ons de uitslagenijst direct na de finish werd gepresenteerd, werden na een aantal weken in de officieuze uitslag er ineens 2 hardlopers tussen geplaatst. Het zal…).

Het was een schande!

En nog wat algemene foto’s. Hoewel we voornamelijk in de bossen liepen was het natuurlijk makkelijker om buiten de bossen de foto’s te maken:

De “grote” verzorgingspost die we na de 1e en 2e grote klim hadden:

This entry was posted in Trail, Ultra. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published.

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.